|
|
|
voor patiënten |
| Het hartinfarct
|
| Hoe ontstaat een hartinfarct? |
| Een hartinfarct ontstaat meestal door een plotse afsluiting
van één van de kransslagaders. Het hart heeft drie kransslagaders. Deze
bloedvaten voorzien het hart van bloed en daarmee van zuurstof. Dit is
essentieel voor het goed functioneren van het hart. De bron van de plotse
afsluiting van een kransslagader is atherosclerose. Een bekendere naam
voor atherosclerose is aderverkalking. Atherosclerose ontstaat door een
beschadiging van de gladde binnenwand van de kransslagader. |
 |
|
| Het lichaam
wilt deze beschadiging opruimen. Allerlei soorten cellen trekken naar de
beschadiging toe en hopen zich in de binnenwand op. Ook stapelt bloedvet,
cholesterol, hierin op. Hierdoor ontstaat een brijachtige massa. Deze
massa wordt plaque genoemd. Afhankelijk van het aantal kransslagaders die
zijn aangetast door atherosclerose spreekt men van één-, twee- of
drietakslijden. Atherosclerose heeft meerdere oorzaken. Als hart- en
vaatziekte in de familie voorkomt is de kans op het ontstaan van
aderverkalking groter. Maar ook roken, een te hoge bloeddruk, suikerziekte,
een te hoog cholesterol en overgewicht hebben een negatieve invloed op het
ontstaan van aderverkalking.
Echter de atherosclereuze plaque kan 'instabiel' worden. Er ontstaat
dan een scheur in de plaque. Dit zorgt voor een hele reeks processen in
het bloed en de bloedvaten. Er ontstaat een bloedklonter in de
desbetreffende kransslagader, waardoor het bloedvat geheel of gedeeltelijk
wordt afgesloten. Hierdoor krijgt een bepaald deel van het hart geen of
onvoldoende bloed. Nu is er sprake van een hartinfarct, oftewel een
hartaanval. Als de afsluiting van het bloedvat te lang duurt (vanaf 20 tot
30 minuten) sterft hartweefsel af. Dit is het hartweefsel dat afhankelijk
is van de bloed- en zuurstofvoorziening van het afgesloten bloedvat. Hoe
langer de afsluiting duurt, des te meer schade het hart oploopt. De
patiënt ervaart nu blijvende pijn op de borst, welke niet vermindert bij
rust of op een spray nitroglycerine onder de tong. Vaak gaan de klachten
gepaard met misselijkheid, zweten en/of braken. Bij het hebben van deze
klachten of het zien van deze klachten bij andere personen moet meteen 112
worden gebeld. De patiënt moet zo snel mogelijk door de ambulance naar
het ziekenhuis worden gebracht. Alleen door snel medisch ingrijpen kan de
schade van het hart beperkt blijven.
|
|
De atherosclereuze plaque kan groeien, hierdoor wordt de kransslagader
steeds nauwer. Dit heeft als gevolg dat het hart steeds moeilijker
voldoende bloed en zuurstof krijgt. Dit gebeurt met name tijdens
inspanning (fietsen, traplopen etc), omdat het hart dan harder moet
werken. Sommige patiënten ervaren dan ook tijdens inspanning een
beklemmende, toesnoerende of drukkende pijn op de borst. Dit wordt angina pectoris genoemd en wordt veroorzaakt door zuurstof tekort van het hart.
Deze pijn kan ook uitstralen naar de kaken, naar de armen en tussen de
schouderbladen. De klachten verdwijnen tijdens rust of na een spray
nitroglycerine onder de tong.
|
 |
|
| Echter de atherosclereuze plaque kan 'instabiel' worden. Er ontstaat
dan een scheur in de plaque. Dit zorgt voor een hele reeks processen in
het bloed en de bloedvaten. Er ontstaat een bloedklonter in de
desbetreffende kransslagader, waardoor het bloedvat geheel of gedeeltelijk
wordt afgesloten. Hierdoor krijgt een bepaald deel van het hart geen of
onvoldoende bloed. Nu is er sprake van een hartinfarct, oftewel een
hartaanval. Als de afsluiting van het bloedvat te lang duurt (vanaf 20 tot
30 minuten) sterft hartweefsel af. Dit is het hartweefsel dat afhankelijk
is van de bloed- en zuurstofvoorziening van het afgesloten bloedvat.
Hoe
langer de afsluiting duurt, des te meer schade het hart oploopt. De
patiënt ervaart nu blijvende pijn op de borst, welke niet vermindert bij
rust of op een spray nitroglycerine onder de tong. Vaak gaan de klachten
gepaard met misselijkheid, zweten en/of braken. Bij het hebben van deze
klachten of het zien van deze klachten bij andere personen moet meteen 112
worden gebeld. De patiënt moet zo snel mogelijk door de ambulance naar
het ziekenhuis worden gebracht. Alleen door snel medisch ingrijpen kan de
schade van het hart beperkt blijven.
|
| Hoe wordt de diagnose van een hartinfarct
gesteld? |
| De diagnose van een hartinfarct wordt gesteld op basis van
de klachten en het elektrocardiogram (ECG of hartfilmpje). Op het
hartfilmpje ziet men verandering van de elektrische activiteit van het
hart. Ook zal er bloed worden geprikt. In het bloed worden
afbraakproducten van het hart gezien. Echter, als de diagnose van het
hartinfarct duidelijk is op basis van het verhaal en het hartfilmpje,
wordt niet meer op de bloeduitslagen gewacht. Het is dan belangrijk om zo
snel mogelijk medisch in te grijpen om het bloedvat open te krijgen. Zo'n
ingreep kan alleen als de klachten nog niet langer duren dan negen uur.
Daarom is het belangrijk om zo snel mogelijk 112 te bellen bij het
optreden van deze klachten.
|
| Hoe wordt de afgesloten kransslagader
weer geopend? |
| De patiënt krijgt aspirine om het verder klonteren van het
bloed tegen te gaan. Ook krijgt de patiënt pijnstilling. Medicijnen
worden via een infuus in een bloedvat gespoten. Soms gaat de kransslagader
vanzelf open, maar meestal is een medische handeling nodig voor het openen
van het bloedvat. Dit kan op twee manieren: met thrombolytica of door
middel van een primaire PTCA.
I Thrombolytica
Thrombolytica zijn stolseloplossende medicijnen. Ze breken het
bindweefsel en andere bestandelen van de bloedklonter af. Hierdoor lost
de bloedklonter op en kan er weer bloed door de kransslagader stromen.
Thrombolytica worden via een bloedvat het lichaam ingespoten. Als
bijwerking kunnen bloedingen optreden. Daarom zal de arts eerst goed
kijken of de patiënt geschikt is voor het krijgen van deze medicijnen. Er
zijn verschillende soorten thrombolytica op de markt: streptokinase,
alteplase, anistreplase en urokinase. Welk middel wordt gebruikt hangt af
van de voorkeur van de hartspecialist.
|
II Primaire PTCA
PTCA staat voor Percutane Transluminale Coronaire Angioplastiek, een
andere naam hiervoor is dotteren. PTCA gebeurt op de
hartkatheterisatiekamer. Via een bloedvat van de arm of lies wordt een
catheter naar het hart gebracht. Door middel van contrastvloeistof en
doorlichting kan de cardioloog goed zien welk bloedvat afgesloten is. Een
ballon wordt ter hoogte van de vernauwing opgeblazen. Hierdoor wordt de
atherosclereuze plaque weggeperst. Dit kan tijdelijk nog meer pijn op de
borst veroorzaken, maar dit is tijdelijk en hoort bij de procedure. Vaak
wordt de dotterprocedure gecombineerd met een stent implantatie. Dit is
een metalen veertje dat wordt vastgedrukt tegen de binnenwand van de
kransslagader. Hierdoor blijft het bloedvat open. (Voor meer informatie
over het verloop in de hartkatheterisatiekamer, zie hartkatheterisatie). |
 |
|
|
Opname op de hartafdeling
|
| De eerste 24 uur wordt de patiënt opgenomen op de
hartbewaking. De arts en verpleegkundige zullen de patiënt goed in de
gaten houden. Regelmatig worden hartfilmpjes gemaakt, bloed geprikt en de
bloeddruk gemeten. De hartactiviteit wordt continu in de gaten gehouden op
een monitor. De patiënt krijgt medicijnen om het hart zo min mogelijk te
belasten en de kans op een herhaling van een infarct te verkleinen. Ook
zal worden gelet op adequate pijnstilling. Na 12 uur mag de patiënt,
onder begeleiding van de verpleegkundige en de fysiotherapeut, uit bed
komen.
Als alles probleemloos verloopt gaat de patiënt de tweede dag naar de
gewone hartafdeling. Ook hier wordt de patiënt goed in de gaten gehouden
door het volgen van de hartactiviteit op de monitor, regelmatige bloeddruk
controles en bloedprikken. De lichamelijke activiteiten worden, samen met
de fysiotherapeut, uitgebreid. De patiënt krijgt adviezen over hoe ze
zelf het risico op een herhaling van een infarct kunnen verkleinen. Zo
zorgt stoppen met roken dat de kans op een herhaling met 50% wordt
verminderd. Ook helpt het om meer te bewegen, gezond te eten, goed de
medicijnen in te nemen en af te vallen (als er sprake is van overgewicht).
Er wordt uitgelegd welke medicijnen de patiënt moet slikken en waarom ze
deze moeten slikken. Sommige medicijnen moeten levenslang worden ingenomen,
andere medicijnen kunnen na een tijd worden gestopt onder begeleiding van
de arts.
De opname in het ziekenhuis duurt minimaal 3 dagen. Het kan zijn dat de
lichamelijke toestand van de patiënt het niet toelaat om zo snel naar
huis te gaan. Dan zal de patiënt langer in het ziekenhuis blijven. Dit
wordt door de arts beslist. Verdere controle gebeurt op de hartpoli. Dit
kunt u lezen in
Mijn
behandelplan. |
|
|
|
|